Soms zijn de dingen die je moet meemaken gewoon niet leuk. Dan kan een kleine leugen het net iets dragelijker maken. Tegen jezelf en anderen zeggen dat je naar de tandarts moet—toevallig precies tijdens die toets. Uit angst op school leugens vertellen, daar kan je soms lang mee weg komen.
Slim en toch niet leren
Maar wat moet je dan? Je bent met een goed stel hersens de school binnen gekomen. Het ging op de basisschool zo gemakkelijk dat je eigenlijk nooit goed hebt leren leren. En in het eerste jaar van het voorgezet onderwijs kun je deze strategie volhouden. Wisselende cijfers op je cijferoverzicht, niemand die ernaar kijkt. Alle leerlingen moeten toch wennen in de brugklas. ot het moment komt dat het anders wordt. Spreekbeurten waar ineens eisen aan worden gesteld. Beoordelingen door docenten én klasgenoten. Hoe pak je dat eigenlijk aan?
Je leert liever honderd woordjes uit je hoofd dan dat je je verdiept in formules die je niet begrijpt, maar wel moet gebruiken. Dat wringt. Je wilt het snappen, er iets van vinden, maar bij formules werkt dat niet zo.
Angst op school
Moeilijke momenten ontwijken met een leugentje. Als het één keer werkt, kun je het nog een keer proberen. Maar als de angst op school toeneemt, verdwijnt de ratio. Je zit niet meer in denken en voelen, maar in reageren.
Een 3: ik had een black-out.
Een 3: die docent vroeg alleen wat ik niet geleerd had!
Een 3: dacht het niet, ik ga naar de tandarts.
Een 3: ’t maakt niets meer uit, ik vul volgende keer alleen mijn naam in.
Een 3: ik ga echt keihard leren, feestjes overslaan etc.
We kennen vaak drie reacties: vechten, vluchten of bevriezen. Fight, Flight, Freeze. Steeds vaker wordt daar een vierde aan toegevoegd: aanpassen of Fawn. Pleasen om de spanning maar te laten zakken.
Window of tolerance
Wat hier gebeurt, past bij wat we de Window of tolerance noemen. Zolang een leerling daarbinnen blijft, is er ruimte om te leren, na te denken en om hulp te vragen. Maar bij te veel spanning schiet iemand erboven—onrust, paniek, vermijden. Of eronder—afsluiten, blokkeren, niets meer voelen.
Voor docenten is juist die vierde reactie—aanpassen—niet altijd makkelijk te herkennen. Deze leerlingen vallen vaak niet op. Ze doen wat er gevraagd wordt, zeggen ja, leveren op tijd in en houden zich rustig. Maar onder die meegaande houding zit spanning. Ze stellen weinig vragen, vermijden fouten en zijn vooral bezig met het goed doen in de ogen van de ander. Het risico is dat ze over hun eigen grenzen heen gaan en pas zichtbaar worden als het niet meer lukt. Dan lijkt het ineens uit het niets te komen, terwijl de signalen er al die tijd al waren
Leugen als coping
En dan heeft een leugen ineens een functie. Niet om lastig te doen, maar om het vol te houden.
Maar wat begint als een uitweg voor één moment, kan ongemerkt groter worden. Nog een keer niet gaan. Nog een reden verzinnen. Steeds vaker afwezig.
Tot angst op school niet meer alleen spanning is, maar leidt tot vermijden of zelfs thuiszitten. Angst op school wordt dan angst vóór school.
Achter dat ‘ik moet naar de tandarts’ zit vaak geen onwil, maar onvermogen. Onlangs las ik het boek De traumasensitieve school en dat zorgt er weer voor dat ik weer met open armen naar deze leerlingen kijk. Kom maar, vertel, wat heb je vandaag nodig?
Lees ook mijn andere blog over angst op school. Een waargebeurd verhaal over een jongen die echt niet meer wilde komen. We pakten het anders aan, maar het liep goed af.










Geef een reactie